In de España y Mas van december 2013 staat een informatief artikel over Buenos Aires. Met medewerking van Hans en Yolande. Klik hier om het artikel te lezen.
EspyM-BsAs


Een interessant artikel over Cristina Kirchner ( dec. 2010 )

De Argentijnse presidente Cristina Fernández de Kirchner weet het volk bijna net zo te raken als Eva ‘Evita’ Perón dat bijna zestig jaar geleden deed. Ze gebruikt hiervoor echter modernere middelen.
“Goedemorgen, goedemiddag, goedenavond. Al naar gelang het uur van de dag waarop je naar me kijkt.” Zo sluit Cristina, terwijl ze een lok kastanjebruin haar uit haar gezicht strijkt, haar eerste YouTube-filmpje af. Ze stuurt daarna nog een aantal tweets naar haar collega’s in Chili (sebastianpinera) en Venezuela (chavezcandanga). En raadt via haar Facebook-pagina (CFKArgentina) haar volk het boek aan dat ze gisteravond heeft uitgelezen. Dit jaar zet Cristina, zoals de Argentijnse presidente zich sinds haar verkiezingscampagne laat noemen, de sociale media vol in. Ontembaar, intelligent, polemisch en ambitieus als geen ander – sinds Evita dan. Cristina Fernández de Kirchner, bij de online community beter bekend als simply CFK, is Evita 2.0.
Een paar jaar geleden liet Cristina nog de fotolog van haar dochter Florencia – nick-name Florkey – van het world wide web verwijderen. Maar nu ziet de Argentijnse presidente de oneindige mogelijkheden van de sociale media wél in. Met haar MacBook Air, een cadeau van multimiljonair Carlos Slim, plaats ze minimaal twee tweets per dag. De laatste tijd zet ze ook video’s op het YouTube-kanaal van het Roze Huis, het presidentiële werkpaleis in Buenos Aires. Een populaire video is haar speech voor de legalisatie van het homohuwelijk in Argentinië. Een vergelijking met de videoboodschap waarin Lady Gaga een oproep deed om tegen het homobeleid van ‘Don’t ask, don’t tell’ binnen het Amerikaanse leger te stemmen, is niet misplaatst. Beide dames, zwaar opgemaakt en behangen met sieraden, pleitten voor gelijke rechten voor homoseksuelen.
Toen het homohuwelijk in Argentinië een paar dagen later een wettelijk feit was, sprak Cristina de senaat toe. “Ik weet niet hoe Eva Perón zich voelde toen zij getuige was van de invoering van het vrouwenkiesrecht 58 jaar geleden [...] maar vandaag kent onze samenleving een beetje meer gelijkheid dan vorige week.” Cristina koppelt zichzelf op sublieme wijze aan het icoon dat Evita nog altijd is. Een van haar meest bekeken YouTube-filmpjes is de toespraak die ze gaf op de George Washington-universiteit in New York. “De eerste keer dat ik Eva Perón zag, was in een hardcoverboek dat mijn grootvader bewaarde in een laatje, naast zijn lidmaatschapskaart van de peronistische partij,” begint ze de video. “Mijn moeder bewaarde foto’s van Evita waarop ze er uitzag als een fee,” herinnert ze zich vervolgens.

In tegenstelling tot Cristina was Eva Perón niet politiek verkozen, maar ze had wel veel macht en invloed op het regeringsbeleid. Ze had een grote schare bewonderaars onder de armen en de arbeidersklasse, wat belangrijk was voor de machtspositie van haar echtgenoot, president Juan Perón. Ze werd liefkozend ‘Evita’ genoemd en kreeg zelfs de titel ‘Spiritueel Leider van de Natie’. Tijdens haar leven was Evita de machtigste vrouw van Latijns-Amerika. Cristina zet de traditie van Evita voort door zich in te zetten voor de armen, de vrouwen en – in de eenentwintigste eeuw – ook de homoseksuelen. Ze heeft bovendien veel werk gemaakt van de vervolging van de beulen van de
Vuile Oorlog en van de zoektocht naar de kinderen en kleinkinderen van de Dwaze Moeders. Haar strijdlustige spreekstijl polariseert de Argentijnse politiek, maar spreekt een groot deel van de maatschappij aan, voornamelijk de lagere inkomensgroepen. Met behulp van de nieuwe media, die een ongelooflijk snel en effectief communicatie- en promotiemiddel blijken te zijn, communiceert de presidente direct met het Argentijnse volk en maakt ze het Roze Huis en het politieke proces tegelijkertijd meer transparant.
Het gevolg is dat de Argentijnen van mening zijn dat hun presidente een van hen is en dat maakt Cristina razend populair. Vlak na de dood van haar man, ex-president Néstor Kirchner, nam een aangeslagen Cristina weer een YouTube-filmpje op. “Mijn leven, zoals iedereen weet, is voorgoed veranderd. Dit is mijn meest pijnlijke moment, maar niet het meest moeilijke,” aldus de presidente met trillende stem. Was dit bedoeld als meeslepende tranentrekker voor het volk of juist als subtiel statement richting haar politieke tegenstanders? Haar ambtstermijn loopt volgend jaar af. Zullen de sociale media strategie Evita 2.0 aan een tweede mandaat helpen?

-Ferenz Jacobs (Rotterdam, 1982) studeerde culturele antropologie met een specialisatie in visuele cultuur aan de Universiteit van Leiden. Hij heeft schildpadden op de stranden van de Turkse Republiek Noord-Cyprus gered en de winnende kandidaat van de eerste realitysoap in Chili geïnterviewd. Sinds drie jaar schrijft hij vanuit Barcelona voor verschillende Catalaanse en Spaanse media.-


Een lezenswaardig artikel over verschillende stijlen binnen de tango, gevonden op
www.tejastango.com
Op die site staan nog meer interwssante artikelen, o.a. over tangomuziek

Styles of Argentine Tango by Stephen Brown
In Buenos Aires and other parts of Argentina, tango is danced in a spectrum of individualistic or personal styles, and many tango dancers who are Argentine do not accept a categorization of their own dancing by any broad stylistic name.  They simply say they are dancing tango, their own style, or the style of their neighborhood or city.  A few confuse the issue further by identifying their own style by a name that other dancers associate with a different style.  Consequently, parsing the commonalities and differences that can be found across the continuum of individual styles to clearly describe the characteristics of various styles is challenging, potentially controversial, and possibly misleading.  Nonetheless, if we regard style to mean an approach to dancing that creates incompatibilities with other approaches and has a sufficient number of adherents who stick firmly to the listed elements, I think it is possible to create rough definitions for a number of distinguishable styles of Argentine tango: salon, milonguero, club, orillero, canyengue, nuevo and fantasia.

Salon-Style Tango
Also known as "tango de salon," salon-style tango is typically danced with an upright body posture with the two dancers maintaining separate axes.  The embrace can be close or open, but it is typically offset (with each dancer's center slightly to the right of their partner's center) and in a V (with the woman's left shoulder closer to the man’s right shoulder than her right shoulder is to his left shoulder).  When salon-style is danced in a close embrace, which is common in Buenos Aires, the couple typically loosens their embrace slightly to accomodate the turns and allow the woman to rotate more freely.  When salon-style is danced in an open embrace, which is uncommon in Buenos Aires, the distance between the partners allows the woman to execute her turns more freely and pivot without requiring much independent movement between her hips and torso.  If the woman rotates her hips through the turns independently of her upper torso, the embrace need not be loosened as much.  Salon-style tango is typically danced to the most strongly accented beat of tango music played in 4x4 time, such as DiSarli.  Those who dance salon-style tango to Juan D'Arienzo or Rodolfo Biagi typically ignore the strong ric-tic-tic rhythm that characterizes the music.  Salon-style tango requires that dancers exercise respect for the line of dance.
 
Milonguero-Style Tango
Milonguero-style tango is typically danced with a slightly leaning posture that typically joins the torsos of the two dancers from the tummy through the solar plexus (in an embrace that Argentines call apilado) to create a merged axis while allowing a little bit of distance between the couple's feet.  The embrace is also typically closed with the woman’s right shoulder as close to her partner's left shoulder as her left shoulder is to his right, and the woman's left arm is often draped behind the man's neck.  Some practitioners of this style suggest that each dancer lean against their partner.  Others say that the lean is more of an illusion in which each partner maintains their own balance, but leans forward just enough to complete the embrace.  The couple maintains a constant upper body contact and does not loosen their embrace to accommodate turns or ochos, which can limit the couple to walking steps and simple ochos until both partners develop the skills for the woman to execute her turns by stepping at an angle rather than pivoting.  Milonguero-style dancers typically respond to the
ric-tic-tic rhythm that is prominent in the music of Juan D'Arienzo and Rodolfo Biagi and also found in the playing of many other tango orchestras.  The milonguero style allows for a more elastic approach to the rhythm when dancing to music that has a less insistent ric-tic-tic rhythm, such as that recorded by Di Sarli or Pugliese.  The ocho cortado is one the characteristic figures of milonguero-style tango because it integrates the embrace with rhythmic sensibilities of the style.
Milonguero-style tango can also be identified as apilado-, cafe-, and confiteria-style tango.  One of the better-known dancers of the style, Tete, refers to his own style of tango as salon.
 
Club-Style Tango
Club-style tango has the rhythmic sensibilities of milonguero-style tango, but it uses the posture, separate axes and embrace of close salon-style tango.  Club-style tango is danced with an upright posture with the two dancers maintaining separate axes while embracing closely in an offset V.  The couple loosens their embrace slightly on their turns to allow the woman to rotate more freely and pivot without requiring much independent movement between her hips and torso.  If the woman rotates her hips through the turns independently of her upper torso, the embrace need not be loosened as much.  Club-style tango is typically danced to the ric-tic-tic rhythm that is prominent in the music of Juan D'Arienzo and Rodolfo Biagi and also is found in the playing of many other tango orchestras.  Club-style tango uses the ocho cortado and other rhythmic figures that are found in milonguero-style tango.  Possibly a rhythmic variation of the salon-style tango, some people regard club-style tango as a mish mash of the salon and milonguero styles rather than a separate style.
 
Orillero-Style Tango
Orillero-style tango is an older style of tango whose name suggests that it may have had its origins in the streets of poor outlying tenements in Buenos Aires.  Later it came to refer to the man dancing around the edge of the woman.  In either case, orillero-style tango was not considered acceptable in the refined salons of central Buenos Aires during the golden age of tango.  To the extent that orillero-style tango is still danced it has become more like salon-style tango.  It is danced with upright body posture with the dancers maintaining separate axes, and the embrace is typically offset in a V and can be either close or open.  In the turns, the woman is allowed to move freely and pivot without requiring much independent movement between her hips and torso.  When orillero-style tango is danced in a close embrace, the couple loosens the embrace slightly to accommodate the turns.  If the woman rotates her hips through the turns independently of her upper torso, the embrace need not be loosened as much.  Orillero-style tango differs from salon-style tango because it adds playful, space-consuming embellishments and figures that do not always respect the line of dance.  Many of the playful elements are executed to the
ric-tic-tic rhythm that characterizes the music of Juan D'Arienzo and Rodolfo Biagi.
 
Canyengue
Canyengue is a historical form of tango that was danced in the 1920s and early 30s that may or may not be accurately captured by its current practitioners.  The embrace is close and in an offset V, the dancers typically have bent knees as they move, and the woman does not execute a cross.  At the time canyengue was popular, dresses were long and tight.  Consequently, the steps were short and frequently executed in the
ric-tic-tic rhythm that is characteristic of the tango music played by the old guard which included Francisco Lomuto, Francisco Canaro (early in his career), Roberto Firpo, and Juan de Dios Filiberto.  (The modern-era orchestra Los Tubatango plays in the same style.)  Some dancers of canyengue use exaggerated body movements to accent their steps.
 
Nuevo Tango
As it was originally conceived, nuevo tango was largely a pedagogic approach to tango that emphasized a structural analysis of the dance in which previously unexplored combinations of steps and new figures could be found.  Some of those exploring those possibilities gradually developed nuevo tango into a style that is danced in an open, loose or elastic embrace with a very upright posture and a great emphasis on the dancers maintaining their own axes.  Although some advocates of tango nuevo emphasize its structural analysis over specific figures, some of the most identifiable figures of the style are overturn ochos, cadenas, linear boleos and volcadas—most of which are best accomplished in a loose or elastic embrace.
 
Fantasia (Show Tango)
Fantasia is danced in tango stage shows.  It originally drew from the idioms of the salon- and orillero-styles of  tango but today also includes elements of nuevo-tango.  Fantasia is danced in an open embrace with exaggerated movements and additional elements (often taken from ballet) that are not part of the social tango vocabulary.  These balletic elements integrate well with salon-style tango because the way a couple relates to each other's space in salon-style tango is very balletic in nature, even though tango movement is more grounded like modern dance.
 
Liquid Tango
Liquid tango is an emerging approach to dancing Argentine tango that is danced with an embrace that shifts between close and open to allow the integration of various styles of tango, particularly the nuevo and club styles.  It is probably premature to consider this a separate style of dancing because the approach is largely compatible with nuevo and doesn't have an identfiably separate group of adherents.
 
Nuevo Milonguero
Nuevo milonguero is a relatively new approach to Argentine tango that adds some nuevo movements such as cadenas, and volcadas to milonguero-style tango.  It would probably be a stretch to regard nuevo milonguero as a separate style of dancing because the approach is fully compatible with milonguero-style tango and doesn't have an identifiably separate group of adherents.

Some Additional Comments about Style
Which Style is Authentic?
All of these styles have some degree of authenticity because they draw from the practices, idioms, and historical precedents of Argentine tango as it is and was danced in Buenos Aires, Montevideo, and other cities in Argentina and Uruguay.  Some styles are more popular in a particular city or in venues within a city, but popularity should not be confused with authenticity.  Fantasia is authentic for stage dancing, but not for social dancing.
Some of the confusion about authencity may be the result of different styles serving different social purposes during the golden age of tango.  Salon-style tango was danced in very nice clubs, where one was expected to get dressed up and dance very slow.  Milonguero-style tango was danced in less formal venues, where dancers got together for the purpose of meeting each other.  Orillero was considered a lower class or street style of tango.  In many cases, the same individual would dance somewhat different styles in different venues or to different music.
Which Styles Have an Open Embrace and Which Have a Close Embrace?
All of the styles except fantasia can be danced in a close embrace.  Although salon- and orillero-style tango can be danced in a open embrace, they are more typically danced in a close embrace in Buenos Aires and other parts of Argentina.  Milonguero- and club-style tango are only danced in a close embrace.  The milonguero-style embrace is also typically closed with the woman's right shoulder as close to her partner's left shoulder as her left shoulder is to his right.  The nuevo embrace is loose and elastic, but many of the movements that are emphasized in tango nuevo can be danced in either the apilado or the close offset V embraces.
Embrace and Frame
Some people distinguish between milonguero and other styles of tango by claiming that the frame in milonguero-style tango is in the woman, and in other styles the frame is created in the arms of the embrace.  Whether the frame is inside the woman or in the arms of the embrace depends largely upon the closeness and softness of the embrace.  A firm, distant embrace places the frame in the arms of the embrace.  As the embrace becomes closer and softer, the frame is moved into the woman's body in all styles.
Which Styles Are Improvisational and Which Are Choreographed?
All of the styles are potentially improvisational including fantasia.  Many instructors of salon-style tango and fantasia emphasize memorized figures in their teaching.  Performance tango is often choreographed.
Which Styles Are Feeling and Which Are Analytical?
Some people look upon improvisation in salon, orillero, fantasia, and nuveo tango as puzzle pieces that are assembled as you dance, and those who teach the structure of tango within these styles can emphasize the analytical nature of the dance.  If these styles are held in the intellectual domain and not moved into the intuitive and emotional domains, they can remain a dry, analytical puzzle.  Dancers and instructors of the milonguero-style tango often emphasize the intuitive and feeling aspects of the style, but it can be approached in an equally analytical manner to the other styles.
Aren't Salon Tango and Fantasia Really the Same?
Salon-style tango and fantasia are distinct styles, but fantasia is an extension of salon-style tango and relies heavily upon salon-style tango for its basic set of movements.  Fantasia adds balletic elements and showy figures and embellishments that are inappropriate for social dancing.  Many tango instructors confuse the two styles for their students by teaching an indistinguishable blend of social and stage figures and calling it salon tango.  This hybrid style is characterized by an open embrace, large steps, dramatic pauses, conspicuous ornamentation, and sometimes a disregard for the line of dance.  Although its characteristics make the hybrid style unsuitable for dancing in crowded milongas in Buenos Aires or elsewhere, it is danced socially by many thousands of dancers outside of Argentina and Uruguay.
How Are the Milonguero and Club Styles Related?
As described above, the styles are very similar.  Club-style tango was danced in some of the clubs de barrios during the 1950s, while milongueros were dancing somewhat different styles in central Buenos Aires.  These facts suggest that milonguero- and club-style tango may have developed at about the same time.  Edaurado Arquimbau, a leading dancer of club-style tango, claims that several of the better-known milonguero-style dancers took lessons in club-style tango from him during the 1950s.  His claim has led some to raise the possibility that club-style tango may have played an important role in the development of milonguero-style tango.  More likely both milonguero- and club-style tango took their rhythmic elements from the older orillero style tango.
Ric-Tic-Tic Rhythm
Ric-tic-tic is onomatopoeia for the staccato rhythms that are prominent in the music of Juan D'Arienzo, Rodolfo Biagi, and some other golden-era orchestras.  With Biagi on the piano, D'Arienzo's orchestra debuted in the 1930s with the ric-tic-tic rhythm.  Although some describe music with the ric-tic-tic rhythm as 2x4, the characteristic rhythm of this music is actually created through a variation in accented beats that yields an alternation of single-time and double-time rhythms.  For example, the music might be played
one and two and, one and two and, one and two and, one and two and (where boldface represents the accented beats), and the dancers might respond slow, slow; quick, quick, slow; slow, slow; quick, quick, slow.  One might express the chararacteristic stacatto rhythm of this music as one, two; ric, tic, tic; one, two; ric, tic, tic.
Some tangos contain more complex rhythms and longer phrases of double-time staccato accents.  Juan D'Arienzo's "El Flete" contains a rhythmic figure of
one and two and one and two and, one and two and one and two and, one and two and one and two and, one and two and one and two and.  For the dancer adhering strictly to the accents, that rhythmic figure becomes the demanding and rapid fire slow, pause, slow, pause; quick, quick, quick, quick, slow, pause; slow, slow, slow, slow; quick, quick, quick, quick, slow, pause.  For a dancer taking the music at half speed, the rhythmic figure becomes the familiar slow, pause, slow, pause; quick, quick, quick, quick, slow, pause; slow, slow, slow, slow; quick, quick, quick, quick, slow, pause (where boldface represents the beats used for dancing).



Verslag van een bezoek aan Buenos Aires, door Annebeth Vis

‘Op Ezeiza wordt gestaakt. Aerolineas Argentinas vliegt niet vandaag.’ Mijn eerste kennismaking met de Argentijnen. Nog voordat ik er voet aan land had gezet, voelde ik de neiging om hun nek om te draaien. Dat de Argentijnse samenleving een hoog stakingsgehalte kent wist ik eigenlijk al. Nu kon ik dat ook zelf meebeleven.

Een paar dagen later verlaat ik mijn appartement in de wijk Congreso. Op weg naar het centrum ben ik blij dat ik mijn slobbershirt nog net even verruild heb voor iets modieuzers en dat mijn haar in model zit. Op straat lopen omaatjes met hoge hakken en knalrode lippen, alsof ze hun beste levensjaren nog voor zich hebben liggen. In de Grand Cafés bestellen
porteños, zoals de inwoners van Buenos Aires genoemd worden, flessen champagne, ook al tikt de klok net na het middaguur. Dit is geen stad om in comfortabele maar weinig spannende toeristenoutfit rond te lopen.

Naar het centrum hoef je niet te gaan, had de uiterst hippe barman Josep – zwarte, perfect gemodelleerde haren, knalblauwe ogen, gescheurd t-shirt en skinny jeans – me gisteravond toevertrouwd. Behalve natuurlijk om de Dwaze Moeders op Plaza de Mayo te zien en het Roze Huis, waar Evita over het balkon hing en mensenmassa’s gek maakte. Maar ik ga toch, inderdaad voor het het balkon van Eva Peron en de Dwaze Moeders, maar ook om in het oudste café van de stad, Tortoni, de sfeer te proeven van sjiek Buenos Aires. Die van elegantie en smaak, die we verfilmd zagen in de Evita, in de scenes dat Madonna met haar rode lippen de feestjes van hoogeplaatste Argentijnen aandeed. En de sfeer van netkousen en hoge hakken: de tango. Tortoni is een legende. Het Grand Café is stijlvol ingericht met marmeren tafeltjes en donkere houten stoelen. De muren hangen vol met portretten van beroemde en minder beroemde
porteños. Binnen is het altijd druk: Argentijnen ‘op stand’ en toeristen zitten overdag aan enorme koppen cappuccino en gebak, terwijl ‘s avonds de flessen champagne op tafel komen. Dan vullen tangoconcerten de ruimte.

Tango is de belangrijkste culturele trekpleister van Buenos Aires. Hier werd de dans geboren en hier zijn elke middag en avond milonga´s te vinden. Op uitnodiging van een tangopaar ga ik later die middag mee naar zo´n milonga. Het is net na lunchtijd, maar de zaal zit bomvol. Met ouderen welteverstaan. Ik schat de gemiddelde leeftijd op 60 plus en verbaas me over de flexibiliteit waarmee de mannen de vrouwen – bij wie de tijgerprint absoluut mode is - de zaal door tango-en. Mijn blik blijft rusten op een elegant geklede oudere man met zijn duidelijk jongere prooi. ´Als je drie keer met dezelfde persoon danst, betekent dat vrijwel altijd dat er meer in zit´, fluitert een van mijn chaperones me in. Sensuele blikken worden uitgewisseld en mijn gedachten gaan uit naar mijn grootouders. Maar die spelen waarschijnlijk liever een potje bridge.

Een paar dagen later heb ik een afspraak met een fotografe in de wijk Palermo. De taxichauffeur vraagt raak. Waar kom ik eigenlijk vandaag? Ah, Nederland, nou hij kent Maxima wel, of ik die ook ken. Wat nou Argentijnse arrogantie? Hij lijkt oprecht geïnteresseerd. Waar ik
hincha van ben? Hmm, dat zoek ik even op in mijn woordenboek. ‘Che, ik weet het niet’, moet ik tot mijn spijt toegeven: ik ken hier geen voetbalclubs.’ De taxichauffeur knikt. Einde gesprek. Om voetbal kan in Argentinië niemand heen. In de show van Max, een buitengewoon populair televisieprogramma, wordt aan vierjarige opgetutte meisjes die komen optreden gevraagd waar ze hincha van zijn. En geen kleine gast die niet vol overtuiging de naam van zijn of haar voetbalclub schreeuwt.

Eten is nog zoiets waar de Argentijnen van houden. Buenos Aires is een walhallah aan hippe eettentjes, uitgebreide fastfoodketens, bezorgdiensten – zelfs de Burger King komt hier voor nog geen euro extra aan huis - en natuurlijk die fameuze
parrilla. En dat zijn nog eens maatstaven. Het is twee uur ‘s middags, lunchtijd, en fotografe Catalina Giraldo, inwoonster van Palermo, weet wel waar ze me mee naartoe moet nemen.
In de wijk barst het van de eettentjes. Moderne, strak ingerichte sushibars, kleurige Mexicaanse restaurants en
loungy Arabische eetgelegenheden. Buenos Aires heeft zich in rap tempo aangepast aan wat ‘in’ is in Europa. Want wat hip is in Europa is immers ook ‘in’ in Argentinië. Ze gaan prat op hun Europese afkomst - de immigratie van Spanjaarden, Italianen en Duitsers gaven Buenos Aires haar multiculturele karakter - en verfoeien de Amerikanen bij elke gelegenheid die zich voordoet. Vooral Italiaanse invloeden zijn onmiskenbaar in de samenleving aanwezig en dat gaat verder dan het Italiaanse accent van de Spaanssprekende Argetijnen. Zo kunnen we op Plaza Serrano frieten op z´n Italiaans eten: complete met mozarellakaas, tomatensaus en oregano.

Vandaag wordt het
Sigue la vaca, Volg de Koe. Geen naam om stijlvol tafelen mee te associëren, maar ik begrijp al gauw dat dat ook niet direct Catalina’s bedoeling is. Dit is een all you can eat. En niet eentje met drie soorten half koud geworden vlees, twee verschillende salades, friet, rijst en oud brood. Nee, hier moet het vlees bij de parrilla worden opgehaald (je mag zelf de lekkerste stukken op de grill aanwijzen) en voor alle overige gerechten worden we naar een enorme salade slash hapjesbar verwezen. Bovendien krijgen we voor de ruim zes euro die we voor de maaltijd moeten neerleggen ook nog een fles wijn (ja, een hele per persoon) en een toetje.

De Argentijnen hebben moeilijke jaren achter de rug. Met de crisis van 2001 werd duidelijk dat hier te graag op te grote voet geleefd werd. De economie denderde in elkaar en dus ging bij de meesten de knip op de portemonnee. Winkels, restaurants, bars: de omzet bleef uit en één voor één sloten zaken hun deuren. Langzaam gaat het met het land weer wat beter en komt het zelfvetrouwen terug. Er kan en mag weer geleefd worden.

Catalina verteld over haar wijk,
the place to be. De buurt is verdeeld in Palermo Soho en Palermo Hollywood en is voor de porteños wat de Jordaan is voor Amsterdammers: hip en trendy gaan samen met het authentieke gevoel van een typische stadswijk. Designwinkels schieten de laatste paar jaar als paddestoelen uit de grond en hetzelfde geldt voor bars en restaurants. Er worden zelfs speciale plattegronden gedrukt zodat de echte orginaliteitsjager geen enkele hotspot hoeft te missen.

‘Het is de enige plek in deze miljoenenstad waar het soms rustig is op straat. Waar de mensen op een zonnige dag op een terrasje een
cerveza nuttigen, zonder overstemd te worden door constant toeterende auto’s. Hier zijn parken te vinden en staan de straten vol bomen. En hier verzuip je niet tussen de torenhoge kantoorgebouwen.’ Haar beredenering klinkt aannemelijk. Ik denk aan de commerciële wijk Once, waar mensen als mieren op een mierenhoop krioelen. En de drukke Avenida Corrientes, waar op een bewolkte dag de uitlaatsgassen zo in je luchtwegen terecht lijken te komen. Of de toeristische trekpleister La Boca, waar het authentieke Buenos Aires verloren is gegaan door schreeuwerige obers en net iets te fanatiek dansende tango-paren.

Weekend. Het plein tussen Palermo Soho en Palermo Hollywood, Plaza Serrano is afgeladen vol. Op straat verkopen alternatieve Latino’s hun zelfgemaakte marihuanapijpen. De kraampjes midden op het plein zijn gevuld met t-shirts met orginele opdrukken, psychodelic poppen en biologische zeepjes. In de restaurants romdom zijn tafels en stoelen aan de kant geschoven om plaats te maken voor kledingrekken. Hier proberen jonge ontwerpers iedere zaterdag en zondag hun zelfgemaakte kleding aan de man te helpen. Sinds de crisis is die mode voor ons ook nog eens lekker betaalbaar. Een ontwerpster: ‘Argentijnen zijn orgineel. Ons land staat bekend om pakkende reclamespots en dat werkt ook door op andere terreinen, zoals de mode. Bovendien zijn we overgevoelig voor uiterlijke verzorging, dus die combinatie wil wel.’

‘Tja, Argentijnen vinden hun uiterlijk veel te belangrijk’, vertelt de enigzins mollige Catalina. Inderdaad barst de stad van de schoonheidsklinieken en anorexia is al jaren een groot probleem. Wil je na je dertigste nog meetellen, dan kun je beter eerst even onder het mes. Barman Josep bevestigt dat later: ‘Ik doe er zelf niet aan mee hoor’, zegt hij snel. Maar hoe vaak er aan mij niet gevraagd is waar ik mijn neus heb laten doen.’

Maanden later zit ik in het vliegtuig – dit keer werd er niet gestaakt – te bladeren door het maandblad van Aerolineas Argentinas. Nu pas vallen al die advertenties voor plastische chirurgie mij op. En hoewel ik me liever niet laat opereren, denk ik met weemoed terug aan mijn Argentijnse avontuur. En eindelijk begrijp die bekende tango ‘Mi querido Buenos Aires’, want ook ik ben van Buenos Aires gaan houden.


ANNEBETH VIS







naar homepage Tangoschool Amsterdam Club de Tango